Het volgrecht is de vergoeding die de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk geniet bij elke doorverkoop van zijn werk met de tussenkomst van een professionele kunsthandelaar.

In tegenstelling tot de andere vermogensrechten, beperkt het volgrecht zich tot één bepaald type van auteurswerken, nl. de werken van grafische en beeldende kunst.

De Auteurswet van 30 juni 1994 nam het volgrecht op in de auteurswet zelf, daar waar voorheen dit volgrecht wet telijk was geregeld in een afzonderlijke wet van 25 juni 1921. Tot het voorjaar van 1999 bleef nog de wet van 25 juni 1921 betreffende het volgrecht van toepassing. Het K.B. van 8 juli 1998 betreffende de inning en de verdeling van bepaalde volgrechten (B.S., 23 januari 1999) heeft artikelen 11-13 van de Auteurswet 1994 in werking doen treden zodat sedertdien de bepalingen van de Auteurswet 1994 betreffende het volgrecht van toepassing zijn. De wet van 25 juni 1921 tot het innen van een recht op de openbare kunstveilingen, ten bate van de kunstenaars, auteurs der verkochte werken is opgeheven. De wet van 4 december 2006 (wet houdende de omzetting in Belgisch recht van de Richtlijn2001/84/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2001 betreffende het volgrecht (ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk, B.S., 23 januari 2007, 2962) en het K.B. van 2 augustus 2007(KB tot uitvoering van de wet van 4 december 2006 houdende de omzetting in Belgisch recht van de Richtlijn 2001/84/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2001 betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk, B.S., 10 september 2007) passen de Belgische regeling inzake het volgrecht aan de Europese Richtlijn. De nieuwe regeling is in werking getreden op 1 november 2007.

Meer informatie

Linken